Kerk kronen

Geschiedenis

Het Hollandse imago van soberheid en zuinigheid komt ook in dit honderden jaren oude type kroonluchter naar voren. Deze oud- Hollandse kroonluchter, ook wel Vlaamse luchter genoemd (in het Engels ‘Dutch Chandelier’) is er een zonder kristal of andere breekbare ornamenten. Deze kroonluchter is gemaakt van koper, brons of messing. Door de lamp regelmatig te poetsen ontstaat de fonkeling onder andere op de bal aan de onderzijde van het armatuur.

De oud-Hollandse kroonluchter maakt in de 17e eeuw zijn intrede. Kenmerkend voor deze kroon zijn diep doorbuigende, S-vormige armen die met krullen versierd zijn. De armen zijn zo bevestigd dat het kaarslicht optimaal wordt weerkaatst in de glanzende bol en de hangconsoles. De bol dient niet alleen ter reflectie van het licht maar zorgt ook voor stabiliteit van de kroonluchter.

Typische kenmerken van 17e eeuws kroonluchters zijn armen met kwabornamenten en armen met dolfijnenkopjes. De grootte van de ruimte bepaalt het aantal etages waarmee de kroon wordt uitgevoerd. Het licht van de armen van de bovenliggende etage valt dan tussen die van de ondergelegen armen. De oud-Hollandse kroonluchter bereikt al in de 17e eeuw zijn ultieme vorm, waardoor 18e-eeuwse kronen weinig van dit model verschillen.

De 18e-eeuwse kronen hebben langgerektere armen en hebben weinig tot geen versiering. De kronen lijken slanker, minder compact en hebben een soberder uitstraling. Kroonluchters werden niet alleen om praktische redenen (een betere verlichting) maar ook uit esthetische overwegingen aangeschaft.

Vanaf de 19e eeuw werden de kaarsen kronen geschikt gemaakt voor gaslicht en rond 1890 verschenen de eerste elektrische kroonluchters zoals wij die vandaag de dag kennen.